Groningen & Noord-Drenthe

╼╾

De waterketen Groningen Noord-Drenthe bestaat uit 20 partners: alle gemeenten uit de provincie Groningen plus vier gemeenten uit de kop van Drenthe, de twee waterschappen Hunze en Aa’s en Noorderzijlvest én Waterbedrijf Groningen en Waterleidingmaatschappij Drenthe.

Ambtelijke trekker(s)

Wessel Rothstegge

Wessel Rothstegge

Waterregisseur Waterketen
Groningen en Noord-Drenthe

"Samenwerking is
een sleutelwoord
binnen de waterketen"

Verschuiving focus
Er komt een verschuiving in de focus van de waterketen. Duurzaamheid en Kwetsbaarheidsvermindering blijven belangrijke ontwikkelthema’s. Hierbij sluiten we aan bij de Regionale Energie Strategie (RES). We gaan ons sterker focussen op de voordelen die door de samenwerking te halen zijn. Bij kostenontwikkeling ligt de focus op beheersen. Voor kwaliteit ligt de focus op voltooien van de samenwerking bij de projecten Meten en Monitoren, Gegevensbeheeren de Waterketenkaart.

Doelen tot 2025:

  1. Duurzaamheid versterken in beleid en projecten.
  2. De personele kwetsbaarheid verminderen.
  3. Gematigde kostenontwikkeling tussen 2010 en 2020 tot 2025 voortzetten met het Uniform Exploitatiemodel. Het proces van stresstesten, risicodialoog en definiëren van maatregelen ondersteunen we, zodat dit tot goede afstemming leidt met de implementatie van de Omgevingswet.
  4. Afstemming en samenwerking leidt ook tot meer gezamenlijke digitale activiteiten en vormen daarmee een groeiend risico voor digitale dreigingen. Deze risico’s worden in kaart gebracht.

Organisatie

  • Stuurgroep: deze bestaat uit een bestuurlijke vertegenwoordiging van de partners.
  • Waterregisseur: is secretaris van de stuurgroep.
  • Clustercoördinatoren: een manager of waterprofessional van een van de partners, tevens voorzitter van een waterteam.
  • Waterteams: bestaan uit de deelnemende gemeenten in een cluster en de waterschappen. Waterbedrijven zijn agendalid en schuiven op onderdelen aan.

De samenwerking werkt met een netwerkmodel waarbij men samenwerkt in clusters en samenwerkt voor de hele regio. Alle inliggende gemeenten hebben een grote rol in deze samenwerking.

Clusters en clustercoördinatoren
De regio is verdeeld in vijf clusters. In elk cluster is een waterteam actief dat wordt geleid door een clustercoördinator. De clustercoördinatoren werken als trekker en aanjager van de waterteams. Ze zijn verantwoordelijk voor het uitvoeren van de waterakkoorden en afvalwaterplannen.

  1. Cluster Groningen West
    De gemeenten Het Hogeland en Westerkwartier
  2. Cluster Eemsdelta
    De gemeenten Delfzijl, Appingedam en Loppersum
  3. Cluster Groningen Oost
    De gemeenten: Midden-Groningen, Oldambt, Westerwolde, Stadskanaal, Pekela en Veendam.
  4. Waterpas
    De gemeente Groningen waaronder nu ook Haren en Ten Boer.
  5. Cluster Kop van Drenthe
    De vier Noord-Drentse gemeenten: Noordenveld, Tynaarlo, Aa en Hunze en Assen.

Bij alle clusters zijn de twee waterschappen Hunze en Aa’s en Noorderzijlvest betrokken. De beide waterbedrijven Waterbedrijf Groningen en WMD uit Drenthe zijn agendalid.

Speerpunten vanaf 2020

  1. Duurzaamheid versterken in beleid en projecten. Voor 2025 moet er een helder beeld zijn van de mogelijkheden van energiebesparing, minimale inzet van chemicaliën, optimale afstemming van milieutechnisch functioneren van riolering in relatie tot afstelling van gemalen en zuiveringen. Er is voor 2025 een agenda gereed voor terugwinning van grondstoffen en circulaire inrichting van de afvalwaterketen. Duurzaamheid is randvoorwaardelijk bij de implementatie van maatregelen voor klimaatadaptatie en voor de integrale invoering van de Omgevingswet.
  2. Personele kwetsbaarheid verminderen. Kwetsbaarheid moet een sterkere voorwaardelijke positie krijgen bij het vormgeven van samenwerking. Meten en monitoren, gegevensbeheer en de waterketenkaart geven hier al een eerste invulling aan, dit gaan we verder benutten. De strategie voor kennisuitwisseling voortzetten.
  3. Verbetering van kwaliteit moet vooral voortkomen uit de projecten Meten en Monitoren en Gegevensbeheer. Beter inzicht in het functioneren moet leiden tot meer afstemming in investeringen en optimalisatie van zuivering en bemaling. Ook de Waterketenkaart leidt tot betere onderbouwing en betere afstemming van maatregelen tussen gemeenten en waterschappen.
  4. Doel is om de gematigde kostenontwikkeling tussen 2010 en 2020 tot 2025 voort te zetten. Door het Uniform Exploitatiemodel in te zetten als monitor. Zo ontstaat een vergelijksmiddel dat gedetailleerd inzicht biedt in de aard van kostenverschuivingen.
  5. Doelmatigheid, duurzaamheid en integrale afstemming in het ruimtelijk domein komen samen in de implementatie van klimaatadaptatie en de Omgevingswet. Doel is om de resultaten van de stresstesten op een goede manier af te stemmen met ruimtelijk beleid, fysiek en sociaal domein en projecten in de openbare ruimte. Dat is ook het punt waarop de implementatie van de Omgevingswet raakt aan de waterketen. Vanuit het perspectief van de waterketen combineren we de klimaatadaptatie en de Omgevingswet om het beste, integrale resultaat te bereiken. In 2025 is dit programmatisch en organisatorisch georganiseerd.
  6. Afstemming en samenwerking leiden ook tot meer gezamenlijke digitale activiteiten en vormen daarmee een groeiend risico voor cybercriminaliteit. Deze risico’s brengen we in kaart waarbij we vooral kijken naar de afstemming/ overlap/ gaten tussen de individuele aanpakken van de partnerorganisaties die tot risico’s kunnen leiden. We gaan maatregelen voorstellen om voldoende veiligheidsniveau te garanderen.

Voor aanvulling (uit bijvoorbeeld uw regio) kunt u zelf uw informatie aandragen. Schroom dus niet om reacties te leveren. Neem hiervoor contact op met N. Schinkelshoek.

Samenwerking in de afvalwaterketen vindt plaats op diverse fronten. Gemeenten en waterschappen verkennen momenteel hun ambities en samenwerkingskansen. Dit kan zijn op organisatorisch en beleidsmatig vlak, beheersmatig of technisch-inhoudelijk.

Interacties in de afvalwaterketen: riolering - rioolwaterzuivering en het ontvangend watersysteem zijn daarbij belangrijke technische en beheersmatige aandachtspunten. Dit alles in relatie tot de inrichting van de openbare ruimte.