Sfeerelement

Eerste wetenschappelijke inzichten broeikasgas uit veenweide bekend

07 december 2021

Voor het eerst kan de uitstoot van broeikasgas uit veenweide onderbouwd worden met wetenschappelijke onderzoek. In opdracht van de decentrale overheden en het ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit heeft het Nationaal Onderzoeksprogramma Broeikasgas Veenweide (NOBV) een onderzoek uitgevoerd naar de effectiviteit van mogelijke maatregelen en deelt de eerste resultaten.

Met het Klimaatakkoord hebben het Rijk, de provincies, gemeenten en waterschappen samen met maatschappelijke partners afgesproken de CO2-uitstoot te verminderen. Bodemdaling en daarmee gepaarde veenoxidatie zorgt ook voor CO2-uitstoot en wordt in het kader van het Klimaatakkoord aangepakt.

Onderzoeksprogramma
In het Klimaatakkoord is afgesproken dat de emissie uit veenweiden moet worden verminderd met 1,0 Mton CO2 per jaar in 2030. Het NOBV is daarom in december 2019 gestart met als doel meer inzicht te krijgen in de huidige emissies en de effecten van maatregelen op de broeikasgasemissies. Op verschillende locaties verspreid door het Nederlandse veenweidebied meet het NOBV de effectiviteit van verschillende maatregelen: waterinfiltratiesystemen, natte teelten en het verhogen van het slootwaterpeil.

Effectieve maatregelen
De onderzoeksresultaten van het NOBV worden in 2024 opgeleverd. Dit najaar zijn de eerste 2 meetjaren afgerond. De eerste resultaten laten zien dat door het slootpeil te verhogen de uitstoot van CO2 altijd afneemt. Daarnaast neemt de uitstoot af bij de aanleg van onderwaterdrains. Het NOBV stelt dat de combinatie van het opzetten van het slootpeil en onderwaterdrainage de meeste CO2-reductie oplevert. In vervolgonderzoek wordt de validiteit van deze resultaten verder getoetst. Om zo snel mogelijk gebruik te kunnen maken van deze 2 maatregelen, zijn de nieuwe inzichten nu al vrijgegeven.

Vervolgonderzoek
Het NOBV, waar de STOWA een belangrijke rol in vervult, meldt verder dat de effectiviteit van maatregelen afhankelijk is van omstandigheden zoals het weer, de bodemopbouw, doorlatendheid, kwel en wegzijging, en de wijze van aanleg van de maatregel. Inzicht in de rol en wisselwerking van deze condities is noodzakelijk om de emissies en de effectiviteit van maatregelen beter te kunnen voorspellen. Daarbij kennen de huidige methoden en uitkomsten nog onzekerheden en vervolgonderzoek noodzakelijk. In vervolgonderzoek moet ook de methaanemissie bij natte teelten worden meegenomen. Meer inzicht in de processen achter deze emissie moet duidelijk maken wat de methaanemissie veroorzaakt en welke mogelijkheden er zijn om de emissies van deze teelt te beperken.

Meer informatie over het NOBV

Voor aanvulling (uit bijvoorbeeld uw regio) kunt u zelf uw informatie aandragen. Schroom dus niet om reacties te leveren. Neem hiervoor contact op met N. Schinkelshoek.

Samenwerking in de afvalwaterketen vindt plaats op diverse fronten. Gemeenten en waterschappen verkennen momenteel hun ambities en samenwerkingskansen. Dit kan zijn op organisatorisch en beleidsmatig vlak, beheersmatig of technisch-inhoudelijk.

Interacties in de afvalwaterketen: riolering - rioolwaterzuivering en het ontvangend watersysteem zijn daarbij belangrijke technische en beheersmatige aandachtspunten. Dit alles in relatie tot de inrichting van de openbare ruimte.